Aansluitend op de kadernota 2023-2026 zijn in de kaderbrief 2024 de contouren weergegeven voor de uitwerking van de begroting 2025. Deze contouren hadden onder andere betrekking op:
- De ambities uit het coalitieakkoord en de uitvoeringsafspraken die vastliggen in de uitvoeringsagenda bestuursperiode 2024-2026 (‘speerpunten’);
- Het volgen van het VNG begrotingsadvies bij de voorbereiding van de begroting;
- De eerder besloten beleidsmatige verhoging van de lokale lasten in 2025 e.v. niet in te vullen.
De vertaling van deze contouren en andere ontwikkelingen heeft geresulteerd in een vastgestelde begroting 2025-2028. We hebben in 2025 gewerkt aan de hand van een begroting 2025-2028:
- die voldoet aan de voorwaarden van de provinciaal toezichthouder om voor repressief begrotingstoezicht in aanmerking te komen;
- die ondanks de dreiging van ‘ravijnjaar’ tot en met 2027 voordelige (structurele) begrotingssaldi heeft;
- met alleen in 2028 een klein tekort, waardoor het anticiperen op maatregelen, zoals aangekondigd in de kaderbrief 2024 niet nodig was;
- waarbij binnen de begroting structurele middelen zijn opgenomen om weerbaar (opvangen risico’s) en wendbaar (ruimte voor opgaven en ambities) te kunnen zijn;
- met een uitvoeringsagenda bestuursperiode 2024-2026, waarbij via diverse speerpunten activiteiten tijdelijk worden aangejaagd, geïntensiveerd of van een impuls worden voorzien;
- waarbij de effecten van loon- en prijsstijging op onze begroting gedekt kunnen worden uit de beschikbare inflatiemiddelen;
- met een geactualiseerd risicoprofiel dat volledig is afgedekt in de algemene reserve risicobeheersing en daarnaast bovenop de ondergrens een surplus in de algemene reserve beschikbaar is;
- waarin het speerpunt lokale lastenverlichting (OZB en hondenbelasting) voor een bedrag van € 1,5 mln structureel is verwerkt.
- met een investeringsprogramma 2025 voor Ibor-vervangingen van € 16,5 mln.